Kennisportal
Kennisportal is een kennisplatform met een focus op de brede doelgroep Business en IT.

Van energieslurper naar efficiënt kantoor: wat IT-infrastructuur kost aan stroom

Servers die nooit uitgaan, schermen die de hele nacht branden, printers in stand-by en een serverruimte die continu gekoeld moet worden. De IT-infrastructuur van een gemiddelde organisatie is een van de grootste maar minst zichtbare kostenposten op de energierekening. Toch staat energiebeheer binnen IT zelden bovenaan de prioriteitenlijst. Dat is een gemiste kans, zowel financieel als strategisch.

Dit artikel geeft een helder overzicht van waar IT-infrastructuur energie verbruikt, wat dat kost, en hoe organisaties hier grip op kunnen krijgen.

De onzichtbare energierekening van IT

Veel organisaties hebben een redelijk beeld van hun energieverbruik als het gaat om verwarming, verlichting en gebouwbeheer. Maar de bijdrage van IT aan de totale energierekening wordt structureel onderschat. Onderzoek laat zien dat IT-apparatuur in kantooromgevingen verantwoordelijk kan zijn voor 30 tot 50 procent van het totale elektriciteitsverbruik, afhankelijk van de sector en de omvang van de infrastructuur.

Dat percentage stijgt naarmate organisaties meer digitaliseren. Meer data, meer applicaties, meer apparaten: de digitale groei van een organisatie vertaalt zich vrijwel altijd direct in een hoger energieverbruik. En anders dan bij bijvoorbeeld verlichting, is dit verbruik vaak moeilijk te isoleren en te meten zonder de juiste monitoring.

Waar zit het verbruik precies?

Om energiebesparing in IT mogelijk te maken, is het belangrijk te begrijpen waar het verbruik vandaan komt. De grootste posten zijn doorgaans de volgende.

Servers en datacenters vormen verreweg de grootste verbruiker binnen IT-infrastructuur. Een fysieke server verbruikt gemiddeld tussen de 200 en 500 watt per uur, afhankelijk van het type en de belasting. Organisaties met een eigen serverruimte hebben vaak meerdere van deze machines draaien, soms ook buiten kantooruren. Daarbij komt de koeling: serverruimtes moeten op een constante lage temperatuur gehouden worden, wat op jaarbasis een aanzienlijk eigen energieverbruik met zich meebrengt.

Werkplekken zijn de tweede grote post. Een desktop met twee schermen verbruikt gemiddeld twee tot drie keer zoveel energie als een laptop met één beeldscherm. In organisaties waar desktops nog de standaard zijn, is hier veel winst te behalen. Schermen die aan blijven tijdens vergaderingen, lunches of buiten werktijden dragen structureel bij aan onnodig verbruik.

Netwerkapparatuur zoals switches, routers en access points draaien doorgaans continu en worden zelden meegenomen in energieanalyses. Toch tellen ook deze apparaten op, zeker in grotere omgevingen met uitgebreide netwerkinfrastructuur.

Printers en randapparatuur staan vaak in stand-by modus en verbruiken ook dan stroom. In omgevingen waar printen minder frequent wordt, maar het wagenpark aan printers niet is aangepast, is dit een stille maar constante kostenpost.

De financiële impact in cijfers

Om de omvang concreet te maken: een server die continu draait op gemiddeld 300 watt verbruikt op jaarbasis ruim 2.600 kilowattuur. Bij een zakelijk energietarief van gemiddeld 0,30 euro per kilowattuur gaat het om ongeveer 780 euro per jaar, per server. Een organisatie met tien servers die niet actief beheerd worden op energieverbruik, betaalt al snel duizenden euro’s per jaar aan onnodige of inefficiënte stroomkosten.

Tel daarbij de koelingskosten op, die in datacenters en serverruimtes doorgaans de helft tot evenveel bedragen als het verbruik van de servers zelf, en de omvang van het probleem wordt duidelijk. Voor middelgrote organisaties kan de totale energierekening van IT oplopen tot tienduizenden euro’s per jaar.

Hoe organisaties grip krijgen op IT-energieverbruik

De eerste stap is inzicht. Zonder meting is sturing onmogelijk. Energiemonitoring op apparaatniveau, via smart plugs, PDU-monitoring in serverkasten of gespecialiseerde software, geeft organisaties een feitelijk beeld van waar het verbruik zit en wanneer pieken optreden.

Virtualisatie is een van de meest effectieve maatregelen voor organisaties met eigen serverinfrastructuur. Door meerdere virtuele servers te draaien op minder fysieke machines, daalt het totale energieverbruik significant zonder dat dit ten koste gaat van de capaciteit. Veel organisaties die nog werken met onderbenutte fysieke servers kunnen hier direct van profiteren.

De overstap naar de cloud is een andere route. Cloudproviders opereren op schaal en hebben sterke prikkels om hun datacenters zo efficiënt mogelijk te laten draaien. Voor organisaties die eigen serverinfrastructuur afstoten ten gunste van clouddiensten, daalt niet alleen het directe energieverbruik, maar ook de koeling en het onderhoud.

Stroombeheersoftware voor werkplekken zorgt er automatisch voor dat schermen en computers in slaapstand gaan of uitzetten buiten werktijden. Dit klinkt eenvoudig, maar in de praktijk laten veel organisaties deze instelling achterwege of staan gebruikers toe deze uit te schakelen. Centraal beheer via endpoint management-software biedt hier uitkomst.

Hardware-vernieuwing loont op de langere termijn. Nieuwere generaties servers, laptops en beeldschermen zijn aanzienlijk energiezuiniger dan apparatuur van vijf tot zeven jaar oud. Een gedegen afschrijvingsbeleid dat ook energieverbruik meeneemt als criterium voor vervanging, levert organisaties zowel kostenbesparing als een lagere CO2-voetafdruk op.

Energiekosten als onderdeel van de IT-strategie

Energiebeheer binnen IT is allang niet meer alleen een facilitaire aangelegenheid. Met de toenemende druk vanuit ESG-wetgeving, stijgende energieprijzen en de groeiende verwachting van klanten en stakeholders dat organisaties aantoonbaar duurzaam opereren, wordt het een strategisch thema.

IT-managers en CIO’s doen er goed aan energieverbruik structureel op te nemen in hun besluitvorming: bij aanschaf van nieuwe apparatuur, bij het ontwerp van netwerkinfrastructuur, bij keuzes rondom hosting en cloudstrategie. De Total Cost of Ownership van IT-systemen is onvolledig zonder de energiecomponent.

Daarnaast geldt voor veel organisaties dat ook het energiecontract zelf aan herziening toe is. Zakelijke energietarieven variëren aanzienlijk per aanbieder, en wie al jaren hetzelfde contract heeft lopen, betaalt mogelijk meer dan nodig. Via een energievergelijker kunnen organisaties snel inzicht krijgen in actuele tarieven en beoordelen of overstappen of heronderhandelen financieel zinvol is. Juist in combinatie met een actief beleid op energiereductie levert dit een meetbaar voordeel op.

Van bewustwording naar actie

De conclusie is helder: IT-infrastructuur is een significante en groeiende bijdrage aan het energieverbruik van organisaties, maar ook een terrein waarop met gerichte maatregelen substantieel bespaard kan worden. Het begint bij inzicht, gevolgd door concrete stappen op het gebied van hardware, software en contractbeheer.

Organisaties die energiebeheer integreren in hun IT-strategie, profiteren niet alleen van lagere kosten. Ze bouwen ook aan een robuustere, toekomstbestendige infrastructuur die past bij de eisen van een duurzame bedrijfsvoering. En dat is uiteindelijk energievergelijker voor meer dan alleen de stroomrekening.